Alleen God de Vader weet tijdstip wederkomst
Ds. M.W. Muilwijk | Geen reacties | 01-05-2026| 14:12
Vraag
In Mattheüs 24:36 en Markus 13:32 staat dat niemand de dag en het uur weet waarop de Zoon terugkomt; alleen de Vader weet het. In de kerkgeschiedenis is deze tekst vaak zo uitgelegd dat de Zoon dit tijdstip niet weet omdat Hij Zijn goddelijke alwetendheid heeft ingeperkt vanwege Zijn menselijkheid. Maar hoe zit het dan met de Heilige Geest? Jezus zegt expliciet dat alleen de Vader het weet. Dat lijkt te impliceren dat zowel de Zoon als de Heilige Geest het niet weten, terwijl we tegelijk belijden dat de Zoon, samen met de Geest, waarachtig God is.
Onlangs kwam ik een andere uitleg tegen die mij duidelijker leek. Het woord dat hier met “weten” wordt vertaald, is in het Grieks οἶδα. In 1 Korinthe 2:2 zegt Paulus dat hij niets anders onder de gemeente wilde weten dan Jezus Christus, en Die gekruisigd. Het Griekse woord dat hier voor “weten” gebruikt wordt (εἰδέναι) behoort volgens mij tot dezelfde woordfamilie (corrigeer me als dat niet klopt). Paulus bedoelt natuurlijk niet dat hij letterlijk niets anders wist, hij wist bijvoorbeeld ook hoe hij tenten moest maken. In 1 Korinthe 2:2 lijkt “weten” eerder de betekenis te hebben van “bekendmaken” of “centraal stellen”: Paulus wilde niets anders verkondigen dan Jezus Christus. Als we deze betekenis van “bekendmaken” toepassen op Mattheüs 24:36 en Markus 13:32, zou dat betekenen dat het niet aan iemand anders is om de tijd van Jezus’ terugkomst bekend te maken dan aan de Vader alleen. Het gaat dan niet zozeer om kennis die ontbreekt, maar om een rol of bevoegdheid: de Vader is Degene die het moment openbaart. Dit sluit ook aan bij het beeld van een Joodse bruiloft, waarin de vader de dag van de bruiloft vaststelde en bekendmaakte; dat was niet aan de bruid of de bruidegom.
Deze uitleg kom ik niet vaak tegen in de kerkgeschiedenis, maar ze klinkt voor mij wel aannemelijk. Daarom zou ik deze gedachte graag willen laten toetsen door iemand met expertise in de grondtalen en theologie. Als deze uitleg niet klopt, hoe moet ik het dan rijmen dat de Heilige Geest het ook niet ‘weet’?
Antwoord
Beste vragensteller,
Je stelt een uitgebreide vraag, waarnaar je zelf ook al onderzoek heb gedaan. Eigenlijk is de vraag of je interpretatie klopt. Ik heb er zelf ook grondig over nagedacht en getoetst of het kan wat je denkt. Dat wil ik in dit antwoord dan ook doen.
Je vraag is of in Mattheüs 24:36 en Markus 13:32 "weten" ook kan worden opgevat als "bekendmaken". Je argument daarvoor is dat in 1 Korinthe 2:2 weten kan worden opgevat als "bekendmaken" of "centraal stellen". Nu is centraal stellen (wat me een juiste interpretatie lijkt) iets anders dan bekendmaken. Paulus wilde nog wel meer in Korinthe bekend maken dan Christus en Die gekruisigd, toch? Maar het punt is inderdaad dat hij Christus en Die gekruisigd centraal wilde stellen. Maar die laatste betekenis werkt niet in de teksten Mattheüs 24:36 en Markus 13:32. Daarom denk ik dat je uitleg niet geheel juist is. Het vaststellen kunnen we laten staan, maar het bekendmaken lijkt me niet in te passen in het Grieks voor “weten”.
Bovendien loopt je uitleg tegen hetzelfde probleem aan als het probleem dat je wilt oplossen. Je probeert het probleem op te lossen: hoe het zit met de goddelijke alwetendheid van God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest. Je stelt dan dat de Vader de bevoegdheid heeft om het tijdstip bekend te maken. Maar dit impliceert een rangorde in de goddelijkheid en heeft dat niet hetzelfde probleem? De Zoon en de Heilige Geest hebben niet de bevoegdheid, maar de Vader wel.
"Christus spreekt hier naar Zijn mens-zijn of in de natuur van Zijn vernedering en onderwerpt Zich in die menselijke natuur aan Zijn Vader"
Zonder uitvoerig te worden, er zijn vele teksten die de vraag oproepen hoe het nu precies zit met de verhouding binnen de Drie-eenheid. En deze vragen kunnen volgens mij geen geheel bevredigend antwoord krijgen. Daarom denk ik dat de opvatting dat Christus hier naar Zijn mens-zijn of in de natuur van Zijn vernedering spreekt en Zich in die menselijke natuur onderwerpt aan Zijn Vader, zoals Hij dat in Zijn Middelaarswerk heeft gedaan. Hiermee vervalt dan ook de vraag hoe zich dit verhoudt tot de Heilige Geest. Volgens mij kun je de Heilige Geest in deze hele vraag buiten beschouwing laten, zoals bijvoorbeeld ook in 1 Korinthe 15:27. Deze tekst kan ook niet worden uitgelegd dat de Heilige Geest aan Christus wordt onderworpen. En de verzen rondom 1 Korinthe 15:27 roepen ook de vraag op hoe het nu precies zit.
Ik hoop dat ik je vraag afdoende heb beantwoord. Je reikt interessante gedachten aan die ook deels wel juist zijn, maar mijns inziens niet geheel kloppen. Er zijn dingen in de Bijbel die niet geheel bevredigend begrepen kunnen worden of weer andere vragen oproepen. Daarmee moeten we ons ook gelovig onderwerpen in de wetenschap dat de Drie-enige God alles weet en naar Zijn (voor)wetenschap bestuurt en regeert.
Hartelijke groet,
Ds. M. W. Muilwijk
Dit artikel is beantwoord door
Ds. M.W. Muilwijk
- Geboortedatum:23-12-1980
- Kerkelijke gezindte:Hersteld Hervormd
- Woon/standplaats:Aalst
- Status:Actief
Bijzonderheden:
Bekijk ook:


