Polarisatie in Gereformeerde Gemeenten

N. (Nico) van Steensel | Geen reacties | 14-05-2026| 15:19

Vraag

Ik ben een jongere en lid van de Gereformeerde Gemeenten. Ik heb de kerk lief, maar ik maak me zulke grote zorgen over de huidige ontwikkelingen dat ik er bij tijden wakker van kan liggen. Als 'eenvoudige' jongere voel ik me machteloos: ik zie hoe verharding toeneemt en vraag me af waar dit eindigt. Ik zou veel meer dingen kunnen noemen, maar zomaar drie recente voorvallen die voor mij opeenstapelen en me bezig kunnen houden:

1. De discussie over het document van overeenstemming GG en GGiN over het aanbod van genade. Ik volg de discussies in het RD en op Refoweb. De angst dat we de vrije, welmenende roeping van het Evangelie voorzien van voorwaarden en menselijke logica om maar op één lijn te komen met de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, raakt me. Wordt de weg naar Christus voor een zondaar op deze manier niet nodeloos ingewikkeld gemaakt? Is het algemene aanbod straks nog wel de grond voor mijn geloof en zekerheid, of wordt het een soort dogmatisch sluitstuk?
 

"Hoe moet ik als jongere in deze kerk blijven staan zonder cynisch of moedeloos te worden?"


2. Daarnaast schrik ik elke keer weer van de toon rondom de Statenvertaling-discussie. Recent op CVandaag zelfs een predikant uit ons eigen kerkverband die suggereert dat de herziening (SV-2027) "niet van de Heere" zou zijn. Hij suggereert zelfs het duivelswerk is. Huiveringwekkend, zo’n uitspraak! Hoe kunnen we elkaar zó de maat nemen over een project dat juist bedoeld is om Gods Woord voor mijn generatie levend te houden?

3. Als derde zou ik gesloten kansels willen noemen waar Addy de Jong onlangs in het RD over schreef. Het idee dat er binnen ons eigen kerkverband -waar we allemaal gewoon hetzelfde belijden en geloven(!)- 'zwarte lijsten' bestaan van predikanten die in bepaalde gemeenten niet welkom zijn omdat ze te licht of te zwaar zouden zijn, getuigt van een bepaald onderling wantrouwen of een soort purisme... Ook in mijn eigen lokale gemeente merk ik dat er slechts een bepaalde 'hoek' welkom is. En als ik dit vervolgens vraag op huisbezoek wordt het simpelweg ontkend, of om de hete brij heen gedraaid. Ik voel me zo machteloos als ik de observatie uit het RD-artikel tot me door laat dringen, dat een scheuring vaak begint bij het “langs elkaar heen leven...”

Ik praat hierover met oudere mensen die beamen dat de sfeer in decennia niet in deze mate verhard is geweest. We vechten elkaar de tent uit op een piepklein kluitje aarde; zowel letterlijk een klein stuk land, als qua leer. Voor mijn gevoel gaat het over niet  meer dan accentverschillen. Het maakt me moedeloos, maar ik voel ook schroom om hier als 21-jarige iets van te vinden of er over in de pen te klimmen.

Mijn vraag aan een predikant of ouderling uit de Gereformeerde Gemeenten is dan ook: hoe moet ik als jongere in deze kerk blijven staan zonder cynisch of moedeloos te worden? Tuurlijk snap ik dat het antwoord is: veel bidden, laat het een last zijn... Maar wordt er nog gezien dat deze polarisatie ons afhoudt van de kern, namelijk de genoegdoening van Christus? En is er nog hoop dat we dat we elkaar kunnen vinden in de eenvoud van Gods Woord?

Een 21-jarige GG-jongere.


Antwoord

Beste jongere,

Goed om te horen dat je de kerk liefhebt en jé kerk liefhebt. Calvijn heeft ergens geschreven dat wie God tot Vader heeft, de kerk als moeder heeft. In die gemeenschap, ik zou bijna zeggen, in die baarmoeder, ben je opgegroeid en (weder)geboren. God gebruikt de kerk. Daarom doet het me ook goed dat je wakker kan liggen van de ziekten van je moeder. Dat je je zorgen maakt over de kwalen van de kerk, over verdeeldheid en verdachtmaking.

Er is er Eén, Christus, die Zijn kerk gekocht heeft, die Zich ook zorgen maakt over Zijn kerk; meer dan wij. Die verdriet heeft van oneerlijkheid, van hoogmoed, van jaloersheid en competitie, van voorwaarden die de Schrift niet stelt, van menselijke zekerheden zoeken in tradities. Maar Hij heeft Zijn kerk daardoor niet minder lief, want zijn liefde wordt niet opgewekt door onze deugden. Als Hij niet voor de kerk bad, was die er lange tijd niet meer zijn geweest. En al heeft Christus Zijn gemeente niet minder lief vanwege haar gebreken, Hij kan haar wel kastijden.

Op de drie recente discussies, die je noemt, wil ik niet ingaan. Ik heb een beetje een afkeer van de media die deze discussies aanjagen. Deze bevorderen -ongewild- de polarisatie en dat discussies niet gaan over het hart van het evangelie, het volbrachte werk van Christus voor een verloren zondaar, de noodzaak om Hem te kennen en Zijn getuige te zijn in onze soms angstaanjagende wereld. Daarom raad ik je ook aan: doe zelf niet mee met het oprakelen van deze problemen als mensen er zelf (nog) niet mee zitten. Maar spreek over het hart van het evangelie. Probeer gesprekken in die richting te leiden. Ik ben bang dat de duivel in zijn vuistje lacht als het gesprek weer gaat over welke kerk het beste is en hoe erg het allemaal is. Wel wil ik graag ingaan op je vraag: hoe moet ik als jongere in deze kerk blijven staan zonder cynisch of moedeloos te worden? 
 

"Naast alle zorgen merk ik op dat de Heere deze tijd juist met een rijke zegen de kerk bezoekt, speciaal onder jongeren. We mogen wel van opwekking spreken"


-Ik wil eerst opmerken dat mijn bedoeling niet is dat alle kwaad in de kerk niet bestreden moet worden. Alles wat de Heere bedroeft, moet met al onze kracht en met alle inspanning worden tegengegaan.

-Dan wil ik eerst de historische component relativeren. Laat je niet te gemakkelijk aanpraten dat het nu veel slechter is dan vroeger; of dat de Ger. Gem. veel slechter is dan andere kerkgenootschappen. Naast alle zorgen merk ik op dat de Heere deze tijd juist met een rijke zegen de kerk bezoekt, speciaal onder jongeren. We mogen wel over tekenen van opwekking spreken. Geen wonder dat de boze erop afkomt. Onze verwachting moet niet van de Kerk zijn, maar van de Koning van de Kerk.

-Heb een realistische verwachting van de Kerk!  Tijdens de belijdeniscatechisatie vertel ik mijn catechisanten altijd: wie lid wordt van een Kerk, zal pijn lijden aan de kerk. En Billy Graham zei eens: als je een volmaakte kerk ontmoet, word er dan geen lid van, want dan is die niet volmaakt meer. De kerk zijn wij. De Kerk bestaat uit mensen zoals we zelf zijn.  De Kerk kan daarom niet beter zijn dan de mensen waaruit ze bestaat. Je kunt de heiligheid van de Kerk  vergelijken met je eigen stapjes op de weg van de heiligmaking. Als jongere verwacht je mogelijk beter te zullen worden, heiliger te zullen worden. En je verwacht de Kerk ook heilig en vol liefde te zijn en bewogen met mensen die verloren gaan. Maar zoals Gods kinderen kunnen vallen, zo kan de Kerk van God struikelen. Zoals je eigen leven een voortdurende strijd en struikeling kan zijn, zo is het ook met de Kerk als lichaam. Net zoals je van je eigen tekort aan heiliging niet cynisch of moedeloos hoeft te worden -omdat Hij wat Hij begonnen is zal voleindigen- hoef je dat te worden van de zonden in de Kerk. Verwacht geen volmaakte Kerk. Maar zie uit naar de Zaligmaker die met tollenaren en zondaren wilde eten en drinken.
 

"Wie lid wordt van een Kerk, zal pijn lijden aan de kerk"


-De Kerk is de zwarte bruid, de vergadering van zondaren die God roept uit deze gevallen wereld, die Christus heeft gekocht met Zijn bloed, die de Geest toebrengt door wedergeboorte en geloof. Hoewel de kerk Gods genade niet verdiend heeft en zich steeds opnieuw Gods genade onwaardig maakt, God laat niet varen de werken van zijn handen. Hij zal voleinden wat Zijn hand begon. Hij  wil zijn schapen het leven geven en overvloed. Want Gods liefde is een eeuwige liefde.

-Word niet moedeloos, word niet cynisch, maar verwonder je dat Jezus een zwarte bruid zoekt. Hij zet ze apart en heiligt hen en roept hen tot heiligheid. Heb de Kerk lief on Jezus’ wil. Omdat Hij de kerk liefheeft. En dien de kerk met al de gaven die je hebt. Bid voor Gods gemeente. Ween om haar ziekten en zonden; en verhef je niet boven anderen, maar acht anderen beter dan jezelf. En verwacht wonderen van genade van de Koning van de Kerk.

Hartelijke groet,
N. van Steensel

Lees meer artikelen over:

Gereformeerde Gemeenten (GerGem)

Mis niks, abonneer je op onze WhatsApp en wekelijkse nieuwsbrief

Dit artikel is beantwoord door

N. (Nico) van Steensel

  • Geboortedatum:
    19-12-1955
  • Kerkelijke gezindte:
    Gereformeerde Gemeenten
  • Woon/standplaats:
    Dordrecht
  • Status:
    Actief
30 artikelen
N. (Nico) van Steensel

Bijzonderheden:

Voormalig zendeling en godsdienstdocent


Dit panellid heeft meerdere artikelen geschreven
Geen reacties
Je kunt niet (meer) reageren op dit bericht. De reactiemogelijkheid is niet geactiveerd of de uiterste reactietermijn van 1 maand is verstreken.

Terug in de tijd

Paniek en angst

Ik loop de laatste maanden sterk met het gevoel dat ik God moet zoeken voordat het te laat is. Ik lees in de Bijbel en bid tot God. Op sommige momenten word ik heel sterk geconfronteerd met de zonden ...
7 reacties
14-05-2014

Jongen wil geen verkering maar zoent wel met ander

Ik ben al maanden verliefd op een jongen bij ons op school. Ze hebben aan hem gevraagd wat hij van mij vindt en hij zei dat hij mij erg leuk vindt maar dat hij NOG geen verkering wil. Maar een paar da...
Geen reacties
14-05-2005

Schuldbelijdenis doen voor de kerkenraad (3)

Dominee Wallet, ik wil u weer hartelijk danken voor uw antwoord op mijn vragen over schuldbelijdenis doen. Ik wil u niet blijven lastigvallen, maar ik wil toch nog één vraag stellen. U schreef: "De be...
Geen reacties
14-05-2003
design website door design website by Mooimerk website-ontwikkeling door webdevelopment by Accendis hosting website door hosting website by STH Automatisering
Stel hier
een vraag