Geestelijke gaven zijn tijdelijk
Redactie Refoweb | 3 reacties | 06-02-2026| 12:52
Vraag
In 1 Korinthe 13:8 staat: "De liefde vergaat nimmermeer; maar hetzij profetieën, zij zullen te niet gedaan worden; hetzij talen, zij zullen ophouden; hetzij kennis, zij zal te niet gedaan worden." Betekent de zinsnede “zij zal tenietgedaan worden” dat genoemde geestesgaven ophouden/opgehouden zijn te bestaan?
Antwoord
Nee. 1 Korintiërs 13:8 stelt dat christelijke liefde (agape) nooit vergaat, in tegenstelling tot geestelijke gaven zoals profetieën, talen of kennis, die tijdelijk zijn. Liefde is eeuwig, vormt de kern van het geloof en blijft bestaan tot in eeuwigheid. Onbaatzuchtige, goddelijke liefde is blijvend en de hoogste waarde. Profetieën zullen verdwijnen en klanktaal (spreken in talen) zal verstommen omdat deze beperkt zijn tot het huidige aardse leven. Kennis schiet tekort en zal verloren gaan wanneer het "volmaakte" komt. Terwijl gaven gericht zijn op het heden, is liefde de manier waarop God en mens in de eeuwigheid met elkaar zullen omgaan. De liefde is dus het enige van blijvende waarde.
Lees ook de artikelen over 'Gaven van de Geest'
Dit artikel is beantwoord door
Redactie Refoweb
Bijzonderheden:
Mailadres: vragen@refoweb.nl
Dit panellid heeft meerdere artikelen geschreven
Tot die tijd is het onze opdracht hier naar te streven tezamen met de liefde tbv de ander/de gemeente. Zie 1 kor 14:1. We zullen de gaven vd Geest nog hard nodig hebben in de eindtijd.
Strek je er maar naar uit, vraag erom!
De gaven zijn nodig om het geloof door de Liefde te laten werken. Hoe zal het anders kracht doen als dat werk niet door de Heilige Geest gewerkt wordt?
Gaven uit een andere geest zijn er bij bosjes. Die gaven strelen je eigen (godsdienstige) vlees. Daar kun je van genieten. Je ‘ik’ kan met zulke gaven blijven leven. Terwijl de Geest van Christus maakt dat je ‘ik’ aan het kruis gaat en dat Christus heerlijker wordt.
Petrus werd door de Heere op de Pinksterdag overgoten met Zijn Geest. Duizenden kwamen, door de gaven waarmee hij bedient werd, tot geloof in Christus. Maar Petrus eindigde wel op z’n kop aan een kruis. Das niet makkelijk.
Paulus… zeer rijk gezegend met de gaven van de Heilige Geest. Maar zie ook zijn leven. Hoe is hij verteerd in de dienst van zijn Meester. Hoeveel slaag, hoeveel ontberingen, hoeveel tegenspraak, hoeveel lasten van de gemeentes, hoeveel gevangenschap en hoeveel eenzaamheid heeft hij bij die gaven gekregen. De Heere had het hem al laten zeggen:
Handelingen 9:15-16 / STV
15 Maar de Heere zeide tot hem: Ga heen; want deze is Mij uitverkoren vat, om Mijn²² Naam te dragen voor²³ de heidenen, en de koningen, en de kinderen Israëls.16 Want Ik zal hem tonen, hoeveel²⁴ hij lijden moet om Mijn Naam.
Hoe meer gaven je van Hem ontvangt, hoe meer je op Hem zult lijken in Zijn lijden. Als je Hem zult volgen en je kruis zult opnemen dan beloofd Hij dat je daarbij ook in deze tijd heel veel zult ontvangen… maar…: mét de verdrukking…
Markus 10:30-31 / STV
30 Of hij ontvangt honderdvoud,²³ nu in dezen tijd, huizen, en broeders, en zusters, en moeders, en kinderen, en akkers, met de vervolgingen,²⁴ en in de toekomende eeuw het eeuwige leven.31 Maar vele eersten zullen de laatsten zijn,²⁵ en velen, die de laatsten zijn, de eersten.
De gaven van de Heilige Geest die Christus uitdeelt zijn dus niet in je ‘vaste bezit’. Hij schenkt ze op het moment dat het nodig is. Als het tot nut is voor anderen. Als Hij of Zijn Vader daarin verheerlijkt moet worden.
Christus had de Geest niet met mate. En daarom zie je dat bijv. ook in de levendmaking van Lazarus. Of in de genezing van de blinde. Dan zegt de Heere: dit moet gebeuren zodat er velen in Mij geloven zullen. Zodat bekend zou worden Wie Jezus is.
De gaven zoals de Heere ze bedoeld heeft zijn dus niet los te verkrijgen van het geloof en de Liefde. Maar soms kan Hij wel gaven schenken aan mensen buiten Christus, om Zijn kerk in deze wereld te onderhouden. (Saul/Bileam).
Na de opwekking van Lazarus (Joh. 11) heeft de Heere, door de Heilige Geest, een geschiedenis laten beschrijven die ons een grote les leert over het geloof dat door de Liefde werkte en dat door Christus op waarde geschat wordt. (Joh. 12) De vrouw die een goed werk aan Christus deed werd juist door discipel Judas verdacht gemaakt. Weggezet als verspilling omdat hij de waarde van Christus, Zijn ambten en Zijn lijden niet kende. Verspilling om Hem zo te eren dacht hij.
En het antwoord van de Heere? Laat af van haar… armen heb je altijd in de buurt maar Christus heb je niet altijd bij je.


