Homoseksualiteit waarderen als christen
Herman van Wijngaarden | 3 reacties | 16-02-2026| 15:28
Vraag
Als homo -opgegroeid in de reformatorische cultuur en theologie- iemand die graag in God wil geloven en de liefde van Christus in zijn hart kent, heb ik een lastig dilemma. Ik ben dus homo en dit is voor mij een gegeven. Het is wellicht niet het leukste aan mijn leven (zeker omdat het lastig te verbinden is met God), maar het is iets waarmee ik heb te dealen. Persoonlijk vind ik het oké dat ik homo ben; ik ben er zelfs een beetje trots op. Niet hoogmoedig, maar gewoon: dit ben ik en ik mag blij zijn met de persoon die ik ben.
Positieve ervaringen met de kerk en mijn omgeving tijdens mijn coming-out waren ook spaarzaam. Iedereen bedoelde het goed, maar een leuke boodschap was het niet. Het was een soort wel mogen zijn, maar niet omarmen (geen homo-identiteit) en zeker niet mogen doen. Hier heb ik psychisch erg onder geleden; suïcidegedachten zijn mij dan ook niet vreemd geweest en mijn relatie met God heeft vaak op een laag pitje gestaan. (Gelukkig heb ik hier hulp voor gehad.)
Ik heb een vraag die misschien meer theologisch van aard is: hoe kan ik mijn homoseksualiteit waarderen als christen? Want zelf heb ik er weinig keuze in. Daarnaast merk ik dat ik door discriminatie en het doodzwijgen van het onderwerp homoseksualiteit mezelf behoorlijk minderwaardig en vies heb gevoeld. Tijdens diensten heb ik nooit iets gehoord over homo’s, en als het er al over gaat, wordt het bijna neergezet als iets vergelijkbaars met psychische ziekten, wat natuurlijk onzin is. Toch heb ik door mijn geloof mezelf steeds meer als een geliefd schepsel van mijn Schepper leren waarderen. Daar ben ik erg dankbaar voor; dat is heel helend geweest. God vindt mij toch oké? Hij is toch mijn Schepper en ik ben beelddrager van Hem? Hoe kan het dan dat mijn homoseksualiteit -die verweven is met mijn identiteit- zondig zou zijn? Het zijn niet simpelweg wat verlangens. Het is wie ik ben. Ik kan niet anders; het zou liegen tegen mezelf en tegen God zijn als ik zou walgen van mijn homoseksualiteit.
Ik vind het lastig om dit te verbinden aan de echte zonden in mijn hart (hoogmoed, ijdelheid, tekortschieten in de liefde tot mijn Redder en mijn naaste). Ik begrijp dat er teksten in de Bijbel staan-ook ik wil graag luisteren naar Gods stem en mij laten leiden door Zijn Geest- maar waarom lijd ik er psychisch dan zo onder? En ben ik daar niet uniek in? Wat is hier nog ethisch en goed aan? Ik ben er eerlijk gezegd een beetje klaar mee dat ik, en vele andere homo’s, met schuld- en schaamtegevoelens in de kerk zitten of de kerk verlaten, simpelweg vanwege het feit dat zij verliefd worden op iemand van hetzelfde geslacht.
Antwoord
Beste homo,
Een mooie vraag die je stelt: hoe kan ik mijn homoseksualiteit waarderen als christen? Het lastige is dat hierover in reformatorische kringen verschillende meningen zijn. Er is een stroming die benadrukt dat het zondig is om homo te zijn. Mensen die dit vinden, zeggen dat er niks te waarderen valt aan homoseksualiteit. Je mag misschien accepteren dat je deze gevoelens hebt, maar het is niet goed om te zeggen dat het onderdeel is van je identiteit. Je bent geen homo, je hebt helaas homoseksuele gevoelens. Als God die niet wegneemt, moet je daar je hele leven tegen strijden.
Een andere stroming staat er positiever in. Ze zeggen dat homoseksualiteit niet bij Gods oorspronkelijke scheppingsorde behoort, maar dat het daarom nog niet zondig is om homo te zijn. Je mag accepteren dat je deze gevoelens hebt, als je er maar op een bijbelse manier mee omgaat. Kort gezegd: je mag als homo een andere man mooi vinden, je gaat een grens over als je seks met hem hebt of in gedachten daarover fantaseert. Want God heeft de seksuele relatie voorbehouden aan de unieke relatie tussen een man en een vrouw.
Zelf hoor ik bij deze tweede stroming. Ik geloof dat het op zich geen zonde is om homo te zijn. Als homo hoef ik dus ook niet voortdurend te strijden tegen mijn homoseksuele gevoelens. Want voor Gods aangezicht mogen en kunnen die gevoelens er zijn – als ik ze maar gevangen houd onder de gehoorzaamheid aan Christus (2 Korinthe 10:5). Ik mag een man “aanzien”, ik mag hem niet “aanzien om te begeren” (Mattheüs 5:28). Dat klinkt streng en moeilijk, maar het is de opdracht die elke single heeft.
"Homo-zijn kan bepaalde gaven met zich meebrengen die je mag inzetten voor Gods Koninkrijk, bijvoorbeeld de gave van vriendschap of van je kunnen focussen op God".
Een gedachte die hiermee samenhangt en die ikzelf erg mooi vind, is deze: God heeft een plan met jouw en mijn leven – niet ondanks ons homo-zijn, maar inclusief ons homo-zijn. Of zoals iemand schreef: “Homoseksualiteit kan geheiligd worden.” Je kunt er zó mee omgaan dat het vrucht voor God voortbrengt. Hoe dat werkt, is voor iedere christen-homo anders, maar homo-zijn kan bepaalde gaven met zich meebrengen die je mag inzetten voor Gods Koninkrijk, bijvoorbeeld de gave van vriendschap, van oog hebben voor anderen, van creativiteit of van je kunnen focussen op God (zoals geldt voor elke single).
Om daar bewust mee om te gaan, is het volgens mij zelfs nodig om je homo-zijn te ‘omarmen’. Je moet je homoseksuele gevoelens accepteren als behorend bij jezelf. Alleen dan kun je de verantwoordelijkheid op je nemen om er goed mee om te gaan. Voor mijzelf is mijn homoseksualiteit dan ook wel degelijk een onderdeel van mijn identiteit.
Ik zeg nadrukkelijk: een onderdeel van mijn identiteit. De eerste stroming heeft gelijk als ze zegt dat het niet de kern van je identiteit is. De kern van je identiteit is als het goed is dat je een kind van God bent, niet dat je homo bent. Je bent in de eerste plaats christen, vervolgens onder andere zoon van je ouders – en broer, vriend en… ja, ergens in de rij mag dan ook gezegd worden dat je homo bent.
Overigens, homo-zijn is op zich dus niet zondig, maar dat is niet omdat het verweven is met je identiteit. Er kunnen wel degelijk dingen in je identiteit zitten die zondig zijn. Sterker nog, van nature hebben we allemaal een zondige identiteit. Niet alles wat onderdeel is van onze identiteit, is oké.
Dat het oké is om homo te zijn (ik heb een boekje geschreven onder de titel ‘Oké, ik ben dus homo’, is vanwege iets anders. Voor mij heeft het ermee te maken dat de visie homo-zijn = zonde in praktische zin onhoudbaar is en in bijbels-principiële zin onterecht. Praktisch gezien houdt deze visie namelijk in dat je een homo moet oproepen om zich te bekeren van zijn homoseksuele gevoelens. Als dat niet lukt, wat in 99 procent van de gevallen zo is, leidt dat heel vaak tot wanhoop of erger.
Maar belangrijker is dat deze visie volgens mij in bijbels-principiële zin onterecht is. De Bijbel verbiedt homoseksuele relaties (en wat daartoe kan leiden), maar zegt niks over het homo-zijn op zich. Het is waar dat God bij de schepping homoseksualiteit niet bedoeld heeft. Maar dat geldt bijvoorbeeld ook voor dyslexie. Toch is het niet zondig om dyslectisch te zijn. Iemand met dyslexie mag op zijn eigen manier proberen te lezen. Zo mogen jij en ik op onze eigen manier proberen lief te hebben.
Hartelijke groet,
Herman van Wijngaarden
Dit artikel is beantwoord door
Herman van Wijngaarden
- Geboortedatum:06-02-1963
- Kerkelijke gezindte:PKN (Hervormd)
- Woon/standplaats:Driebergen
- Status:Actief
Bijzonderheden:
- Mede-oprichter stichting Hart van homo’s
- Auteur van o.a. ”Oké, ik ben dus homo – over homoseksualiteit en het volgen van Jezus” en “Om het hart van homo’s – pastoraat aan homoseksuele jongeren” en "Leven als vrienden – een hoge vorm van liefde"
Bekijk ook:
Dit panellid heeft meerdere artikelen geschreven
"Homo's in de gemeente zijn een gave".


